In het kort: Je gaat als projectleider het kennisprogramma BoerenStikstofAcademie verder ontwikkelen, uitvoeren en monitoren, werkgroepen en themabijeenkomsten organiseren en sturen op samenhang, impact en stikstofreductie in de agrarische praktijk.
Directie/sector: BEL/Water, Bodem en Landbouw
Rol: Projectleider Kennisprogramma
Project/programma: BoerenStikstofAcademie
De projectleider is eindverantwoordelijk voor de ontwikkeling en uitvoering van het programma, gericht op kennisdeling en stikstofreductie in de agrarische sector. Je stuurt op resultaten, bewaakt planning en kwaliteit, en zorgt voor samenhang tussen activiteiten. Ook geef je leiding aan een werkgroep en fungeer je als strategisch sparringpartner voor provincie en ketenpartijen.
Je werkt samen met landbouwpartijen en provinciale experts en krijgt ondersteuning van een community manager en een administratief ondersteuner. Aansturing gebeurt vanuit het provinciale landbouwteam. Affiniteit met de agrarische sector en het vermogen om te werken in een politiek-bestuurlijke omgeving zijn belangrijk.
Korte omschrijving van de belangrijkste werkzaamheden, taken en verantwoordelijkheden
Voor de verdere ontwikkeling van de BoerenStikstofAcademie in Noord-Holland wordt een externe projectleider gezocht. De inzet is gericht op het opzetten, uitvoeren en monitoren van kennisprogramma’s die bijdragen aan leren en ontwikkelen in de agrarische praktijk, met specifieke aandacht voor stikstofreductie.
Rol en verantwoordelijkheden:
– Eindverantwoordelijk voor het programma, inclusief samenhang en voortgang
– Regisserende en onafhankelijke rol binnen het geheel
– Sturen op resultaten en concrete impact, met nadruk op stikstofreductie
– Zorgen voor samenhang tussen de verschillende onderdelen en activiteiten
– Aansturen van de werkgroep met betrokken partijen
– Bewaken van planning, kwaliteit en voortgang
– Optreden als strategisch sparringpartner voor provincie, landbouw- en ketenpartijen (zoals zuivelcoöperaties en veevoerbedrijven)
Samenwerking en ondersteuning:
– Werkt samen met landbouwpartijen en provinciale experts voor inhoudelijke afstemming en aansluiting op de boerenpraktijk
– Wordt ondersteund door een provinciale community manager en een administratief ondersteuner
– Aansturing vindt plaats vanuit het landbouwteam van de provincie Noord-Holland
Profiel:
– Affiniteit met de agrarische sector is een pré
– Kan effectief opereren in een bestuurlijke en politiek gevoelige omgeving
Inleiding
Sinds december vervult APPM in opdracht van de provincie Noord-Holland de rol van projectleider van het kennisprogramma emissiereductie landbouw. Deze opdracht loopt deze maand af. Voor de overdracht van relevante kennis die we vanuit die rol hebben opgedaan, hebben we deze notitie opgesteld. Dit doen we aan de hand van de zes onderdelen van het programma zoals deze 26 mei jl. zijn gepresenteerd:
– Spoor 1: Bedrijfsbegeleiding
– Spoor 2: Themabijeenkomsten
– Spoor 3: Netwerkondersteuning
– Programmamanagement
– Communicatie
– Monitoring
Vervolgens sluiten we af met de aandachtspunten die onze evaluatie van de samenwerking met de provincie heeft opgeleverd. Op verzoek van de provincie hebben we ons binnen onze opdracht vooral gericht op het organiseren van de bijeenkomsten van spoor 2. Aan de overige onderdelen zijn we dus niet tot nauwelijks toegekomen. Als bijlage hebben we opgenomen de toegezegde opdrachtomschrijving voor het organiseren van de resterende themabijeenkomsten.
Spoor 1: Bedrijfsbegeleiding
Voor spoor 1 is door de provincie een opdracht verstrekt aan de raamcontractpartner DANS. De uitvoering ligt grotendeels bij het agrarisch collectief Water, Land en Dijken. Bij de contractering zijn we niet betrokken geweest, mede uit oogpunt van het voorkomen van belangenverstrengeling. APPM is namelijk een van de vier partijen waaruit DANS bestaat en onze opdracht loopt ook via DANS. Daarna zijn we ook niet betrokken geweest bij de aansturing van Water, Land en Dijken. Wel heeft er enige afstemming plaatsgevonden met Rozemarijn de Jong, vooral over de inhoud van spoor 1 en 2.
Spoor 2: Themabijeenkomsten
Binnen spoor 2 zijn tien bijeenkomsten gehouden: vier algemene introductiebijeenkomsten, drie themabijeenkomsten over mest en drie over weidegang. Voor dit najaar is voorzien in nog eens negen themabijeenkomsten over de overige drie thema’s: voer, stalmaatregelen en biologisch. Volgens de notitie Kennisdelingsstrategie emissiereductie landbouw Noord-Holland is het de bedoeling om in totaal veertig bijeenkomsten te organiseren. Na de bijeenkomsten van 2026 resteert dus nog ruimte voor ongeveer twintig bijeenkomsten. Het lijkt verstandig om de opzet van spoor 2 eind dit jaar in de werkgroep te evalueren en te bepalen hoe de resterende bijeenkomsten het best kunnen worden ingevuld.
De algemene introductiebijeenkomsten zijn goed bezocht: de opkomst was conform verwachting. De themabijeenkomsten in april zijn minder goed bezocht. Dit had verschillende redenen. Ten eerste wordt het vanaf april voor melkveehouders drukker op het bedrijf, waardoor zij minder tijd hebben om bijeenkomsten te bezoeken. Ten tweede lijkt de flyer met de informatie over de bijeenkomsten niet altijd goed te zijn verspreid onder de achterban van de vier landbouworganisaties, mede door een limiet op het aantal berichten dat in appgroepen van LTO Noord mag worden verstuurd. De informatie over de bijeenkomsten bereikte de doelgroep doorgaans laat, doordat de planning krap was. Vooral het vinden van geschikte sprekers kostte veel tijd. Fleur Bakker heeft in het communicatieplan (zie Communicatie) een goede planning opgenomen voor de communicatie rond de bijeenkomsten.
Voor de bijeenkomsten was geen aanmelding nodig, om de drempel voor deelname zo laag mogelijk te houden. Nadelen daarvan zijn dat niet precies bekend is wie de bijeenkomsten hebben bezocht en dat op voorhand niet duidelijk was hoeveel bezoekers er zouden komen.
De combinatie van een expert en één of twee boeren (ervaringsdeskundigen) bood een voldoende breed perspectief en wekte vertrouwen. De werkgroep droeg de sprekers aan; vooral voor het thema mest bleek het wel lastig voldoende ervaringsdeskundigen te vinden. De benaderde sprekers waren over het algemeen enthousiast om mee te werken.
Spoor 3: Netwerkondersteuning
Binnen spoor 3 zijn nog geen activiteiten ontplooid. We constateerden wel dat de beoogde invulling van dit spoor nog niet scherp was. In de notitie Kennisdelingsstrategie emissiereductie landbouw Noord-Holland werd dit spoor aangeduid als het netwerk ‘Gezamenlijk Vooruit’. De uitwerking richtte zich daarin echter niet op het opbouwen en onderhouden van een netwerk, maar op het bieden van ruimte aan groepen van circa tien boeren met een concrete hulpvraag om externe kennis in te huren, met een budget van maximaal 10.000 euro per groep. Later zijn ook andere suggesties gedaan voor activiteiten binnen dit spoor. Tijdens de werkgroepbijeenkomst van 19 februari is voorgesteld om vanuit het kennisprogramma presentaties te geven aan bestaande boerengroepen. In een e-mail van Emiel aan Moritz van 23 februari is vervolgens uitgewerkt hoe dit georganiseerd kan worden. En recent is er nog gesproken over samenwerking met de zuivelbedrijven.
Programmamanagement
In het kader van programmamanagement hebben we vooral drie bijeenkomsten van de werkgroep georganiseerd. In die periode heeft de werkgroep zich duidelijk ontwikkeld: er worden nu eigen initiatieven genomen en de behoefte is verschoven van een ad-hoc overleg naar een meer structurele en formele werkwijze. Het is verstandig daarin te voorzien, zodat het huidige momentum en de betrokkenheid behouden blijven.
Naar aanleiding van de laatste werkgroep, op 26 mei, hebben we de volgende actielijst opgesteld:
– Afspraken maken met zuivelbedrijven over hun inzet en deelname aan de BoerenStikstofAcademie. Maar daarbij ook een heldere rolverdeling vastleggen tussen de werkgroep en zuivelbedrijven (mag niet te vrijblijvend zijn) -> Nieuwe projectleider.
– Contact opnemen met Isabel Bosma, die mogelijk kan helpen met het vinden van een coach op Texel voor spoor 1 -> Rozemarijn.
– Concreet voorstel uitwerken voor spoor 3 en dit bespreken tijdens de volgende werkgroep -> Nieuwe projectleider.
– Communicatievoorstel samen uitwerken. Belangrijk hierbij is dat de BoerenStikstofAcademie een eigen identiteit krijgt, maar wel gebruik maakt van de bestaande infrastructuur van de provincie Noord-Holland -> Renée en Fleur.
– Overdrachtsdossier maken voor de provincie Noord-Holland -> Emiel en Suzanne.
– Voorstel uitwerken voor monitoring van de effecten van de BoerenStikstofAcademie. Met deze monitoring wordt bedoeld dat moet worden bekeken of mensen die bij de bijeenkomsten aanwezig zijn, daadwerkelijk iets doen met de informatie die ze hebben gekregen. -> Nieuwe projectleider.
Communicatie
Bij de start van onze opdracht hebben we met Moritz en Ken op hoofdlijnen besproken welke communicatie over het kennisprogramma nodig was. Daarna hebben we ons beperkt tot de minimaal noodzakelijke communicatie voor spoor 2. Concreet hebben we voor de twee clusters van bijeenkomsten in Canva een flyer gemaakt, die via WhatsApp en e-mail aan landbouworganisaties is verspreid met het verzoek deze door te sturen naar hun leden. Daarmee hebben we niet alle melkveehouders bereikt: niet de melkveehouders die geen lid zijn van een betrokken organisatie, en vermoedelijk ook niet alle wel aangesloten melkveehouders. Fleur Bakker (HAJK) heeft inmiddels een eerste opzet voor een communicatieplan gemaakt. Samen met de provincie wordt dit verder uitgewerkt.
Evaluatie
Tot slot geven we de provincie naar aanleiding van onze opdracht nog de volgende aandachtspunten mee:
– De invulling van het kennisprogramma was nog beperkt uitgekristalliseerd. Hoewel er een notitie Kennisdelingsstrategie emissiereductie landbouw Noord-Holland beschikbaar was, bleek deze niet altijd richtinggevend. Er was veel ruimte voor nadere invulling. Die flexibiliteit was in de beginfase mogelijk passend, maar voor een doelmatige inzet van de beschikbare middelen is het verstandig om op korte termijn, samen met de landbouworganisaties, definitief te bepalen hoe het vervolg van het kennisprogramma wordt ingericht. Dit bevordert een efficiëntere werkwijze en betere resultaten.
Bijlage: Opdrachtomschrijving organiseren themabijeenkomsten
Op 14 juli 2025 hebben LTO Noord, het HAJK, Bio NH en de provincie Noord-Holland afgesproken om via doelsturing in de melkveehouderij 30 % reductie van stikstofemissies te realiseren (in 2035, ten opzichte van 2019). Deze reductie moet voor een belangrijk deel worden behaald door (vrijwillige) toepassing van managementmaatregelen. Om de melkveehouders te activeren, te informeren en te ondersteunen bij het doorvoeren van deze maatregelen is een gezamenlijk kennisprogramma ingesteld, onder de noemer BoerenStikstofAcademie, dat bestaat uit drie sporen:
– bedrijfsbegeleiding
– themabijeenkomsten
– netwerkondersteuning
De opdracht heeft betrekking op spoor 2. De themabijeenkomsten zijn bedoeld om de doelgroep te informeren over de maatregelen binnen dat specifieke thema en ze te enthousiasmeren deze toe te gaan passen.
Voor het kennisprogramma is een werkgroep ingesteld waarin de vier betrokken landbouworganisaties en de provincie zijn vertegenwoordigd. Begin dit jaar zijn tien themabijeenkomsten gehouden: vier algemene introductiebijeenkomsten, drie themabijeenkomsten over mest en drie over weidegang. In totaal zullen er veertig bijeenkomsten worden gehouden. Deze opdracht betreft het organiseren en begeleiden van de resterende dertig bijeenkomsten. De bijeenkomsten vinden plaats in de maanden oktober tot en met maart, op maandag, dinsdag, woensdag of donderdag, in de avond.
De werkzaamheden omvatten hoofdzakelijk:
– In overleg met de werkgroep het onderwerp en de opzet van de bijeenkomsten bepalen.
– De data van de bijeenkomsten vaststellen, zodat locaties en sprekers beschikbaar zijn.
– Het exacte programma van de bijeenkomsten vaststellen.
– Teksten en praktische informatie over de bijeenkomsten aanleveren aan de provincie.
– Het contact met locaties verzorgen: afspraken maken over data, deelnemersaantallen, zaalhuur en catering, afstemmen tijdens de bijeenkomst en de financiële afhandeling regelen.
– Het contact met sprekers verzorgen: afspraken maken over data, inhoud van hun bijdrage en vergoeding, afstemmen tijdens de bijeenkomst en de financiële afhandeling regelen.
– Het dagvoorzitterschap van de bijeenkomsten verzorgen.
Achtergrondinformatie opdracht Projectleider Leren & Ontwikkelen in de BoerenStikstofAcademie
De provincie Noord-Holland en de Noord-Hollandse landbouwpartijen LTO Noord, het Hollands Agrarisch Jongeren Kontakt en Biologisch Noord-Holland tekenden op maandag 14 juli 2025 een overeenkomst voor 30 procent minder stikstofuitstoot in 2035. Deze overeenkomst bevat afspraken over emissiereductie, monitoring, natuurherstel en juridische borging. Het vormt een volgende stap in de regionale uitvoering van het landelijke stikstofbeleid. De aanpak is gebaseerd op maatregelen die agrariërs zelf kunnen toepassen. De provincie ondersteunt dit met kennis, begeleiding en middelen onder de noemer: De BoerenStikstofAcademie als kennisprogramma.
De BoerenStikstofAcademie is dus één van de activiteiten als onderdeel van deze overeenkomst die de Noord-Hollandse partijen gezamenlijk tot uitvoering brengen. De BoerenStikstofAcademie is de laatste 6 maanden in de steigers gezet. Voor het vervolg en doorontwikkeling van de BoerenStikstofAcademie zoeken we zo snel mogelijk een nieuwe projectleider. We zoeken een externe projectleider met expertise op de ontwikkeling en uitvoering van kennisprogramma’s en de monitoring daarop. Vanuit de provinciale organisatie wordt de projectleider ondersteund door een provinciale community manager en vindt er administratieve ondersteuning vanuit de provinciale organisatie plaats. De aansturing van de projectleider wordt gecoördineerd vanuit het landbouwteam van de provincie Noord-Holland.
Het doel van deze opdracht is het realiseren van een effectief en samenhangend kennisprogramma dat aantoonbaar bijdraagt aan stikstofreductie op bedrijfsniveau. De BoerenStikstofAcademie is daarmee niet alleen gericht op kennisdeling, maar nadrukkelijk op gedragsverandering en toepassing van maatregelen in de praktijk. Impact staat centraal: deelname moet leiden tot concrete stappen op het erf en in het gebied. Elke agrariër die aan de slag wil, vindt de provincie aan zijn zijde. De provincie staat niet aan de zijlijn, maar ondersteunt daar waar het ertoe doet: bij de agrariërs die het verschil maken. Zo ontstaat een eerlijke balans: de sector levert inspanning, de overheid biedt ondersteuning op het erf, in het bedrijf of in het gebied.
Deze opdracht bouwt voort op een reeds ingezette kennisstrategie: De BoerenStikstofAcademie. De Boerenstikstofacademie staat op hoofdlijnen vast en is afgestemd met de boerenpartijen in 2025/2026. Voor het voortzetten en doorontwikkelen van dit kennisprogramma vanaf de nazomer 2026 t/m eind 2028 zijn we op zoek naar een projectleider met expertise op het gebied van kennisprogramma’s en de monitoring daarvan. Bij voorkeur is er affiniteit met de landbouwsector. De projectleider werkt samen met een provinciale community manager en administratief ondersteuner.
De nieuwe projectleider houdt toezicht en afstemming op deze opdracht en de activiteiten die daarop georganiseerd worden. Dit spoor vraagt nog om verdere doorontwikkeling binnen de BoerenStikstofAcademie.
Een belangrijke taak voor de projectleider is het versterken van de samenhang tussen de verschillende sporen van de BoerenStikstofAcademie. Dit betekent o.a. het verbinden van coaching met groepsleren en het benutten van inzichten uit de themabijeenkomsten en inspiratie vanuit demonstratiebedrijven en de keten. En daarbij het koppelen van praktijkervaringen aan monitoring en communicatie. De BoerenStikstofAcademie moet zich ontwikkelen tot één herkenbaar en samenhangend programma, waar alle boeren in Noord-Holland aan mee willen doen.
De doorontwikkeling van de BoerenStikstofAcademie als kennisprogramma en de uitrol ervan dient in nauwe samenwerking met de partijen van de emissiereductieovereenkomst en andere boerenorganisaties te worden vormgegeven. De werkgroep met alle ondertekenaars van de overeenkomst is hiervoor bedoeld. Het is noodzakelijk dat de projectleider deze werkgroep regelmatig samenbrengt, de werkgroepbespreking voorbereid, organiseert en faciliteert. Deze werkgroepvergaderingen vinden plaats in het buitengebied van Noord-Holland.
Wij gaan ervan uit als Landbouw- en Stikstofteam dat u ook zichtbaar bij ons op kantoor aanwezig bent tijdens de uitvoering van deze werkzaamheden de komende jaren. Op die manier kunnen we ook andere activiteiten die van invloed zijn op de stikstofopgave goed zwaluwstaarten met de BoerenStikstofAcademie.
Andere lopende initiatieven die van belang zijn en invloed hebben op de BoerenStikstofAcademie zijn:
– Stichting Fieldlab Groene Hart
– Uitvoeringsregeling Duurzame veehouderij
– Overeenkomst Stikstofreductie
– Landelijke Taskforce Natuur, Stikstof en Klimaat
– Provinciale Programmatische Aanpak Stikstofreductie
– Kwartiermaker Mest
– PPLG Kringlooplandbouw Noord-Holland
Monitoring
Wij willen de impact en bereik van de BoerenStikstofAcademie ook kunnen monitoren, om de strategie te kunnen aanpassen indien nodig. De monitoring dient jaarlijks in de vorm van een voortgangsrapportage te worden opgeleverd en richt zich specifiek op de impact/resultaten van de BoerenStikstofAcademie m.b.t. het bereiken van onze doelgroep en de mate waarin zij geleerde lessen in de praktijk toepassen.
Wij gaan ervan uit dat u minimaal 2 dagen per week op kantoor aanwezig bent.
– Het CV mag maximaal 4 pagina’s A4 zijn. Indien meer ruimte wordt gebruikt dan toegestaan, wordt het meerdere niet meegenomen in de beoordeling. (KO)
– De motivatiebrief mag maximaal 2 pagina’s A4 zijn. Indien meer ruimte wordt gebruikt dan toegestaan, wordt het meerdere niet meegenomen in de beoordeling. (KO)
– Heeft de kandidaat in de afgelopen 12 maanden een vergelijkbare rol of vergelijkbare werkzaamheden bij dezelfde directie van de Provincie Noord-Holland uitgevoerd, al dan niet via een ander bureau of als rechtstreekse zzp’er? (KO)
– Is de kandidaat in de afgelopen 24 maanden in (loon)dienst geweest bij de Provincie Noord-Holland? (KO)
– Is de aangeboden kandidaat een zzp’er? Wanneer we de term ‘zzp’er’ gebruiken, doelen we op alle ondernemers, met of zonder personeel en ongeacht hun rechtsvorm. Op basis van de uitkomst van bijgesloten toetsing is het voor deze opdracht NIET mogelijk om een zzp’er aan te bieden. (KO)
– Is de kandidaat gemiddeld 24 uur per week beschikbaar in de periode 15 september 2026 tot en met 14 september 2027? (KO)
– De aangeboden kandidaat heeft minimaal HBO denk- en werkniveau. (KO)
– De aangeboden kandidaat heeft minimaal 5 jaar relevante werkervaring in de rol van projectleider in de publieke sector. (KO)
– De aangeboden kandidaat heeft minimaal een diploma/certificaat op het gebied van ontwikkeling en opstellen van praktijkgerichte kennisprogramma’s. Bijvoorbeeld:
– HAN (Leren en Innoveren)
– Fontys (Leren & Ontwikkelen) (KO)
– Plan van Aanpak (max 2xA4). Upload hier een plan van aanpak waarin duidelijk en overtuigend wordt beschreven: uw visie en tijdpad, op welke manier u de BoerenStikstofAcademie tot een succes maakt in samenwerking met de provincie en de betrokken agrarische Noord-Hollandse partijen, de meetbaarheid en borging van impact, hoe resultaten worden geborgd en opgeschaald binnen de doelgroep. (KO)
– Inschrijver gaat ermee akkoord een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) in te dienen. Inschrijver dient uiterlijk 8 weken na aanvang van de werkzaamheden het VOG van de aangeboden kandidaat aan te leveren. Voor deze opdracht gelden de volgende VOG profielcode(s): 11, 12, 13, 22, 37, 41, 53 en 71. (KO)