Inhuur van ZZP vanaf 2026
Wil je in 2026 een zzp’er inhuren? Als opdrachtgever is het belangrijk om kritisch te kijken naar de inzet van een professional wanneer dit een zzp’er, freelancer of DGA betreft. De Belastingdienst handhaaft sinds 1 januari 2025 weer op de Wet DBA en die handhaving gaat in 2026 onverminderd door. Tegelijk is er veel veranderd: de boetesituatie is versoepeld, het kabinet heeft een deel van de nieuwe wetgeving geschrapt en de manier waarop arbeidsrelaties worden beoordeeld is aangescherpt door recente rechtspraak. In dit artikel helpen we je als opdrachtgever om in 2026 op de juiste manier een zzp’er, freelancer of DGA in te huren.
Wat is er in 2026 veranderd? (in het kort)
- Geen verzuimboetes in 2026. De zachte landing is verlengd. Je krijgt in 2026 nog geen verzuimboete, maar naheffingen en bij opzet of grove schuld vergrijpboetes zijn wél mogelijk.
- De Wet VBAR is afgeslankt. Het verduidelijkingsdeel is geschrapt. Wat overblijft is het rechtsvermoeden van werknemerschap voor zzp’ers met een tarief tot €38 per uur.
- Er komt een nieuwe Zelfstandigenwet, op zijn vroegst in 2027.
- Extern ondernemerschap weegt zwaarder. Door de Uber-uitspraak telt mee of de zzp’er ook buiten jouw opdracht echt onderneemt (meerdere opdrachtgevers, eigen investeringen, presentatie als ondernemer).
- Overheidsorganisaties krijgen extra aandacht van de Belastingdienst in 2026.
- Het kabinet voert campagne ‘Zo kan zzp wél’ en past de webmodule beoordeling arbeidsrelatie aan. De toon verschuift van “mag het?” naar “hoe kan het wél?”.
Handhaving, naheffingen en boetes in 2026
Sinds 1 januari 2025 hanteert de Belastingdienst weer de normale regels uit de Wet DBA. In 2026 verandert die handhaving zelf niet, maar geldt nog een gedeeltelijke zachte landing. Concreet betekent dit voor jou als opdrachtgever:
- Geen verzuimboetes in 2026. Dat zijn boetes voor het niet, onjuist of te laat doen van aangiftes en betalingen. Deze worden dit jaar nog niet opgelegd.
- Wel naheffingen. Stelt de Belastingdienst schijnzelfstandigheid vast, dan kun je alsnog loonheffingen en sociale premies moeten afdragen over de periode dat de zelfstandige bij je werkte.
- Wel vergrijpboetes bij opzet of grove schuld. Bij bewust gebruik van een schijnconstructie kan een vergrijpboete volgen, die kan oplopen tot een fors percentage van de naheffing.
Deze regels staan zo ook op de website van de Belastingdienst over handhaving van arbeidsrelaties. Naheffen kan met terugwerkende kracht, maar gaat niet verder terug dan 1 januari 2025. Alleen bij kwaadwillendheid of het niet opvolgen van aanwijzingen kan de Belastingdienst tot vijf jaar terug naheffen. De resterende onderdelen van de zachte landing vervallen vanaf 1 januari 2027. Welke instrumenten de Belastingdienst inzet, lees je in het Handhavingsplan arbeidsrelaties 2026. Er geldt een ingroeimodel: pas in 2030 mag de Belastingdienst weer voor alle gevallen de reguliere termijn van vijf jaar terugkijken.
Let op als (semi-)publieke organisatie: de Belastingdienst geeft in 2026 extra aandacht aan overheidsorganisaties. Juist voor gemeenten, provincies, ministeries en uitvoeringsorganisaties is een zorgvuldige inhuur dus belangrijk.
De Wet VBAR is afgeslankt: alleen nog het rechtsvermoeden
In maart 2026 heeft minister Aartsen (Werk en Participatie) het zogeheten verduidelijkingsdeel van het wetsvoorstel VBAR geschrapt (Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden). Dat onderdeel moest duidelijker maken wanneer iemand zelfstandige is en wanneer werknemer, maar zorgde volgens het kabinet voor te veel onrust. In plaats daarvan werkt het kabinet aan een nieuwe Zelfstandigenwet, die op zijn vroegst in 2027 wordt verwacht.
Wat van de VBAR overblijft, is het rechtsvermoeden van werknemerschap voor laagbetaalde zelfstandigen:
- Het geldt voor zzp’ers met een tarief tot €38 per uur (peildatum 1 januari 2026).
- Beroept een zzp’er zich op dit rechtsvermoeden, dan moet jij als opdrachtgever aantonen dat er géén sprake is van een arbeidsovereenkomst (omgekeerde bewijslast).
- Lukt dat niet, dan wordt de werkrelatie als dienstverband gezien en heeft de werkende recht op werknemersbescherming.
- Het is geen minimumtarief: zelfstandigen mogen nog steeds onder de €38 werken, de regeling maakt het alleen makkelijker om de arbeidsrelatie juridisch te laten toetsen.
Dit deel moet uiterlijk 31 augustus 2026 in het Staatsblad worden gepubliceerd en kan daarmee per 1 januari 2027 in werking treden.
Hoe beoordeelt de Belastingdienst de arbeidsrelatie nu?
Omdat het verduidelijkingsdeel is geschrapt, geldt het bestaande toetsingskader, ingevuld door rechtspraak. Twee dingen zijn daarbij belangrijk:
- Geen rangorde tussen de gezichtspunten. Op basis van het Deliveroo-arrest weegt de Belastingdienst meerdere gezichtspunten tegen elkaar af. Geen enkel punt is op voorhand doorslaggevend, het gaat om het totaalbeeld.
- Extern ondernemerschap weegt zwaarder. Sinds de uitspraak van de Hoge Raad (februari 2025) en de Uber-uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam (januari 2026) telt zwaar mee of iemand ook buiten jouw opdracht echt onderneemt. Denk aan meerdere opdrachtgevers, eigen investeringen en zich naar buiten presenteren als ondernemer. Dit kan de balans doen omslaan naar zelfstandigheid, zelfs als de zzp’er hetzelfde werk doet als mensen in loondienst.
Het kabinet past de webmodule beoordeling arbeidsrelatie hierop aan: extern ondernemerschap krijgt een prominentere plek. Tegelijk start de campagne ‘Zo kan zzp wél’, die opdrachtgevers en zelfstandigen laat zien onder welke voorwaarden samenwerken met zzp’ers juist wél verantwoord kan. Het actuele toetsingskader wordt gepubliceerd op hetjuistecontract.nl.
Modelovereenkomsten in 2026: let op de schijnzekerheid
Een modelovereenkomst biedt geen garantie meer. Sinds september 2024 keurt de Belastingdienst geen nieuwe modelovereenkomsten meer goed. Bestaande, eerder goedgekeurde overeenkomsten blijven nog geldig tot eind 2029 (voor sommige branches geldt een eerdere einddatum). Daarna verliezen ze hun juridische waarde.
Belangrijker nog: ook met een goedgekeurde modelovereenkomst kijkt de Belastingdienst bij een controle vooral naar wat er in de praktijk gebeurt. Wijkt de werkelijke samenwerking af van wat op papier staat, dan vervalt de beschermende werking. Als opdrachtgever ben je samen met de zzp’er verantwoordelijk voor de fiscale gevolgen van de arbeidsrelatie.
Een zzp’er inhuren: is de opdracht geschikt?
Omdat je samen met de opdrachtnemer verantwoordelijk bent voor een juiste inhuur, bepaal je vóór publicatie van een opdracht of een zzp’er, freelancer of DGA erop kan reageren. Voor een formele indicatie kun je de Webmodule Beoordeling Arbeidsrelatie invullen. Houd er rekening mee dat dit een uitgebreide, vertakte vragenlijst is die al snel 30 tot 45 minuten kost. De module vraagt eerst welke rol je hebt (opdrachtgever, tussenpersoon, bemiddelaar of feitelijke werkverschaffer) en of je een overeenkomst sluit met een natuurlijk persoon of een rechtspersoon. De uitkomst is een aanwijzing, geen juridisch bindend oordeel.
Naast die formele check helpt het om vooraf zelf de belangrijkste kenmerken af te wegen. De beoordeling draait in de kern om drie thema’s:
Organisatorische inbedding
Dit betekent het werk wat verricht wordt, behoort tot de kernactiviteiten/het primaire proces van de organisatie. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het meewerken met het uitgeven van paspoorten bij de afdeling Burgerzaken van een gemeente. Aan de andere kant van het verhaal zou de professional advies kunnen geven over het inrichten van de afdeling/de processen. Iets wat niet dagelijks wordt gedaan en niet onderdeel is van de kernactiviteiten van de organisatie. De gedachte is dat wanneer de zelfstandige binnen de organisatie hetzelfde werk uitvoert als medewerkers in loondienst, de zelfstandige eigenlijk net als deze medewerkers in loondienst hoort te zijn.
De opdracht heeft een kop en een staart
ZZP opdrachten horen een kop en een staart te hebben: er is een duidelijk doel/einde en de professional werkt hier naar toe inclusief een duidelijk afrekenbaar resultaat. De zelfstandige dient volledig zelf te kunnen bepalen wanneer hij werkzaamheden verricht en hoe hij dit doet. Natuurlijk kun je vooraf met de professional bespreken wat er gaat gebeuren en wanneer hij/zij verwacht bereikbaar/aan het werk te zijn gedurende de looptijd van de opdracht.
Duur van de opdracht opdracht
Als het werk voor meer dan 3 maanden en 20 uur per week bij dezelfde opdrachtgever wordt gedaan, kan dat betekenen de professional schijnzelfstandig werkt. Hoewel er geen harde grens is, wordt er verwacht dat een opdracht geen jaren voortduurt. Afgaan op 3 maanden is dus niet nodig. In de praktijk zal er naar het grotere plaatje worden gekeken: heeft de professional meerdere opdrachten per jaar? Hoelang duren deze? Is er 1 opdracht welke al lang loopt en waar het overgrote deel van de tijd in zit?
Twijfel je of een opdracht geschikt is? Vul dan de webmodule in of neem contact met ons op, dan denken we mee.
De opdrachtomschrijving opmaken, inbedden en publiceren
Is duidelijk dat de opdracht door een zzp’er, freelancer of DGA kan worden gedaan, verwerk dan deze kenmerken in de opdrachtomschrijving, de eisen en de wensen. De praktijk op de werkvloer is leidend voor de Belastingdienst, dus zorg dat de opdrachtformulering en onderliggende overeenkomsten daarop aansluiten. Hier helpen we graag mee.
Niet geschikt voor een zzp’er? Kies dan detachering
Past een opdracht niet bij een zelfstandige, dan kan via een detacheringsconstructie een tijdelijke werknemer worden geworven. Ook daarin denken we graag mee.
Hulp nodig met invulling van de opdracht?
Naast het werken conform de regels kan het in de huidige markt een uitdaging zijn om geschikte kandidaten op gesprek te krijgen. Wij kennen de dynamiek van inhuur voor (semi-)publieke organisaties en hebben zelf gewerkt voor gemeenten, onderwijsinstellingen en ministeries. Die kennis, gecombineerd met onze recruitment-expertise, maakt ons een fijne sparringpartner. Maak vrijblijvend kennis, dan denken we mee over je capaciteitsvraagstukken. We houden je via deze pagina op de hoogte van nieuwe ontwikkelingen.
Veelgestelde vragen
Mag ik in 2026 nog een zzp’er inhuren? Ja. Zelfstandigen inhuren mag gewoon, mits de opdracht en de praktijk passen bij echt zelfstandig ondernemerschap. De campagne ‘Zo kan zzp wél’ benadrukt juist dat samenwerken met zzp’ers verantwoord kan.
Krijg ik in 2026 een boete bij schijnzelfstandigheid? Verzuimboetes worden in 2026 nog niet opgelegd. Wel kun je een naheffing krijgen, en bij opzet of grove schuld een vergrijpboete.
Hoe ver kan de Belastingdienst terugwerken met een naheffing? Tot 1 januari 2025. Alleen bij kwaadwillendheid of het niet opvolgen van aanwijzingen kan dat oplopen tot vijf jaar.
Wat houdt het rechtsvermoeden bij €38 per uur in? Verdient een zzp’er minder dan €38 per uur, dan kan hij zich beroepen op het rechtsvermoeden van werknemerschap. Jij als opdrachtgever moet dan aantonen dat er geen arbeidsovereenkomst is. Het is geen minimumtarief.
Zijn modelovereenkomsten nog geldig? Bestaande, goedgekeurde modelovereenkomsten blijven geldig tot eind 2029. Nieuwe worden niet meer goedgekeurd, en de praktijk is altijd leidend boven het contract.
Wij houden je via deze pagina op de hoogte van eventuele ontwikkelingen.
Als opdrachtgever opzoek naar een professional (ZZP & deta)? Kom in contact!
De informatie in deze blog is met zorg samengesteld, maar uitsluitend bedoeld voor algemene informatiedoeleinden. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend. Raadpleeg voor de meest actuele en officiële informatie de websites van de overheid en de Belastingdienst. De auteur is niet aansprakelijk voor eventuele onjuistheden, onvolledigheden of gevolgen van het gebruik van deze informatie. Neem bij twijfel of specifieke vragen contact op met een deskundige of de desbetreffende instantie.