In het kort: Je gaat als netwerkcoördinator het speelveld rond circulariteit van datacenterhardware en afvalstromen analyseren, partijen verbinden, kansen en knelpunten in kaart brengen en een publiek-privaat handelingsperspectief en vervolgscenario’s voor ketensamenwerking uitwerken.
Achtergrondinformatie
In de Uitvoeringsagenda Circulaire Economie (2025-2028) is opgenomen dat de provincie Noord-Holland in 2050 volledig circulair wil zijn en dat het gebruik van primaire grondstoffen in 2030 met 50% gedaald is. In oktober 2025 zijn bij de actualisatie van het Nationaal Programma Circulaire Economie (NCPE 2025) door het Rijk nieuwe, concretere doelen voor 2035 geformuleerd1. De provincie heeft ervoor gekozen bij deze aangepaste doelen voor 2035 aan te sluiten. Noord-Holland zet zich daarom volop in om de transitie naar een circulaire economie te versnellen. Om deze doelstellingen te behalen, is het van belang het circulair gebruik van grondstoffen te vergroten en het gebruik van niet-hernieuwbare grondstoffen te verminderen2. De provincie zet daarom in op het verminderen van afvalstromen en het meer hoogwaardig benutten van reststromen. Ook het belang van strategische autonomie, het vermogen om minder afhankelijk te zijn van kritieke grondstoffen uit niet-EU- landen, speelt een rol. Om dit te bereiken zet de provincie onder andere in op het bij elkaar brengen van partijen om grondstofketens te vormen en te sluiten.
In een circulaire economie is ketensamenwerking van groot belang: wat afval is voor het ene bedrijf, kan een grondstof zijn voor een ander, maar ook bedrijven die zich richten op levensduurverlenging (zoals reparatie) zijn onderdeel van deze keten(s). Daarnaast is samenwerking nodig om circulaire producten te ontwikkelen en circulaire processen in te richten. Hierbij gaat het zowel om samenwerking tussen bedrijven binnen een keten als tussen ketens, omdat de meeste producten uit meerdere soorten materialen bestaan.
Uit het HCSS-rapport3, waarvan provincie Noord-Holland mede-opdrachtgever is, blijkt dat er circulaire kansen liggen bij datacenters. Uit het rapport blijkt dat in datacenters circa 30 kritieke grondstoffen omgaan en de vervangingscyclus van hardware van servers kort is (drie tot vijf jaar), wat leidt tot grote, regelmatig terugkerende EEA-stromen. De provincie Noord-Holland en de Metropoolregio Amsterdam (MRA) hebben een uitzonderlijke positie; circa 95 van de ruim 200 Nederlandse datacenters zijn daar gevestigd. Deze bevinden zich in de MRA, waaronder een groeiend aantal in Flevoland en de regio Noord- Holland Noord. Een bovenregionale aanpak (op provincie Noord-Holland en MRA-niveau of groter) is met name voor deze productgroep van belang om de keten optimaal te organiseren. Zeker gezien de ligging van huidige en toekomstige datacenters en ter voorkoming dat dezelfde schakels in een grondstofketen op meerdere plekken worden gerealiseerd.
Omschrijving
De provincie Noord-Holland wil beter zicht krijgen op de circulariteit van hardware, materialen en afvalstromen in en rond datacenters in Noord-Holland en de MRA. Van Microsoft en Google is bekend dat ze een meer georganiseerde circulaire aanpak met eigen circular centers hebben. Microsoft is voornemens om een dergelijk circular center4 te realiseren in Middenmeer. Bij andere (multi-tenant) datacenters is onduidelijk hoe verwerking van hardware en afvalstromen is georganiseerd, terwijl daar vaak veel verschillende klanten zijn ondergebracht. Er is nog onvoldoende inzicht in welke producten daar aanwezig zijn, wat de levensduur daarvan is, welke kritieke en waardevolle grondstoffen die bevatten, hoe afgeschreven apparatuur wordt verwerkt en waar kansen liggen voor hergebruik, recycling, levensduurverlenging (indien opportuun) en terugwinning van grondstoffen.
De provincie zoekt een netwerkcoördinator Circulaire economie – datacenters die het speelveld in kaart brengt, relevante partijen verbindt en mogelijk in twee fasen werkt aan zowel een verkenning als het realiseren van concrete ketensamenwerking(en), als de verkenning daar voldoende aanleiding toe geeft.
Het doel van de opdracht is om de provincie Noord-Holland en de MRA te adviseren over een handelingsperspectief en te ondersteunen bij het ontwikkelen van een (eerste) samenhangende aanpak voor circulariteit van datacenter hardware en bijbehorende materiaal- en afvalstromen in Noord-Holland, inclusief de Metropoolregio Amsterdam.
De opdracht van de netwerkcoördinator is erop gericht om:
– inzicht te creëren in de keten van datacenterhardware, materialen, grondstoffen en reststromen;
– relevante stakeholders in beeld te brengen en met elkaar te verbinden;
– behoeften rondom (boven)regionale ketensamenwerking te identificeren te identificeren;
– kansen, knelpunten en randvoorwaarden voor circulaire ketensamenwerking te bepalen;
– te komen tot een onderbouwd publiek-privaat handelingsperspectief voor provincie en partners;
– waar mogelijk al een eerste kern van partijen te vormen die gezamenlijk verder wil werken aan een circulaire aanpak. In een (evt.)tweede fase concrete samenwerkingen, afspraken, pilots of een deal te helpen ontwikkelen in samenwerking met partners uit de regio.
De opdracht is nadrukkelijk meer dan een bureauverkenning. De opdrachtnemer combineert analyse met kwartiermaken: verkennen, inventariseren, verbinden, mobiliseren en voorbereiden van een mogelijk vervolg.
Scope van de opdracht
De opdracht richt zich primair op:
– circulariteit van hardware, materialen en grondstoffen in datacenters;
– verwerking van afgeschreven producten en reststromen uit de exploitatie en vervanging van datacenterhardware;
– kansen voor vermindering van primair grondstoffengebruik, levensduurverlenging, hergebruik, refurbishment, recycling, upcycling en terugwinning van kritieke grondstoffen5;
– het organiseren van samenwerking in de keten(s) rond datacenterproducten; datacenter eigenaren, klanten, verwerkers, recyclingbedrijven, kennispartners, overheden en andere relevante partijen.
De opdracht richt zich niet op bredere datacenterdossiers zoals energie, netcongestie of de ruimtelijke inpassing, behalve waar die direct raken aan circulariteit, grondstoffengebruik, vergunningen, milieuruimte of afvalverwerking. De Omgevingsdienst kan hierbij een relevante partner zijn, mede gezien de relatie met milieuruimte, afval en Milieu Effect Rapportage (MER)-vraagstukken.
De focus ligt op de provincie Noord-Holland, inclusief relevante bedrijvigheid en stakeholders binnen de Metropoolregio Amsterdam (MRA), en waar nodig ook daarbuiten (NL of Europa), om ketens, spelers en kansen goed in beeld te brengen om de keten optimaal te organiseren. Deze bredere scope is logisch, omdat de betrokken bedrijven, logistieke stromen en verwerkingsketens niet strak binnen provinciegrenzen vallen (zelfs niet binnen Nederlandse landsgrenzen). Bij de verkenning van kansen en handelingsperspectief willen we ook dat Europees schaalniveau wordt meegenomen voor mogelijke schakels/oplossingen.
Fasering van de opdracht
Fase 1 – Verkenning en kwartiermaken
In deze fase brengt de netwerkcoördinator het speelveld in kaart en ontwikkelt diegene samen met betrokken partijen een gedeeld beeld van de opgave. Fase 1 moet niet alleen leiden tot inzicht, maar ook tot een eerste mobilisatie: een kern van gemotiveerde private partijen; een gedeeld probleembeeld; een concept gezamenlijk doel; een advies/voorstel voor coalitievorming.
Onder fase 1 vallen in ieder geval:
– stakeholderanalyse (van de relevante spelers in de keten(s));
– inzicht in typen datacenters6, hardwarecategorieën en relevante reststromen;
– in kaart brengen van toekomstige ontwikkelingen van de sector7;
– overzicht van productstromen, afvalstromen, verwerkingsroutes en bestaande diensten;
– analyse van kansen, knelpunten, behoeften, belangen, belemmeringen en randvoorwaarden;
– in kaart brengen en aansluiting zoeken bij bestaande initiatieven8 en lopende trajecten;
– verkenning van rollen van overheden9, marktpartijen en kennisinstellingen;
– eerste netwerkvorming tussen partijen die elkaar nu nog beperkt vinden;
– toetsing of er voldoende urgentie, bereidheid en perspectief is voor een vervolg;
– formulering van een concept gezamenlijk doel voor een mogelijke vervolgfase;
– oplevering van vervolgscenario’s met bestuurlijk handelingsperspectief;
– advies over haalbaarheid provinciale (/regionale) aanpak en/of ketensamenwerking;
– advies over/voorstel voor een handelingsperspectief van regionale overheden: Vanuit welke rol/Wat kunnen provincies, gemeenten, MRA, Omgevingsdiensten concreet bijdragen aan circulariteit bij datacenters? Hoe kan er evt. samengewerkt worden met (georganiseerd) bedrijfsleven?;
– het rapporteren over voortgang, resultaten en vervolgopties aan de opdrachtgever, provincie Noord-Holland10.
Richtinggevende verkenningsvragen
In de verkenningsfase onderzoekt en beantwoordt de opdrachtnemer een samenhangende set richtinggevende vragen (zie Bijlage 1 Richtinggevende vragen bij de opdracht Netwerkcoördinator Circulaire economie – datacenters) over de circulariteit van hardware, materialen en afvalstromen in en rond datacenters en betrokken stakeholders. Deze vragen zijn richtinggevend voor de uitvoering van de opdracht. Zij bieden de opdrachtgever houvast bij het bepalen van de benodigde inzichten, terwijl de opdrachtnemer ruimte houdt om de vraagstelling op basis van kennis, voortschrijdend inzicht, gesprekken met stakeholders en bevindingen uit de praktijk nader aan te scherpen, aan te vullen of anders te ordenen.
De verkenning richt zich in ieder geval op de volgende, onderling samenhangende, onderwerpen:
1. de omvang en aard van de opgave, waaronder de relevante typen datacenters, producten, hardware, grondstoffen en afvalstromen, alsmede de vraag waar de belangrijkste circulaire opgaven liggen;
2. de huidige praktijk en de voornaamste knelpunten, waaronder de wijze waarop partijen omgaan met afgeschreven hardware en reststromen, de bestaande rollen en verantwoordelijkheden, de verwerkingsroutes en de optredende belemmeringen;
3. de markt, de keten en de (boven)regionale kansen, waaronder de aanwezigheid van relevante schakels in de keten en de mogelijkheden voor hergebruik, refurbishment, recycling, grondstofterugwinning en regionale samenwerking;
4. rollen, belangen en samenwerkingsmogelijkheden van publieke en private partijen, waaronder de vraag welke verbindingen en samenwerkingsvormen het meest kansrijk zijn;
5. het handelingsperspectief voor de provincie, waaronder de vraag welke rol voor de provincie passend en effectief is en welke vervolgrichtingen of aanpakken het meest kansrijk zijn.
De samenhangende beantwoording van deze vragen moet de provincie Noord-Holland in staat stellen om na afronding van de verkenningsfase een onderbouwde afweging te maken over een mogelijk vervolg van de opdracht. Een dergelijk vervolg kan bijvoorbeeld bestaan uit verdere netwerkvorming, het opzetten van een pilot, het starten van een samenwerkingstraject, het verkennen of sluiten van een deal of convenant, of een andere passende vervolgaanpak. Van de opdrachtnemer wordt verwacht dat diegene de uitkomsten van de verkenning vertaalt naar een helder en bruikbaar publiek-privaat handelingsperspectief voor provincie en partners en hierover periodiek en aan het einde van de verkenningsfase rapporteert.
Besluitmoment na fase 1
Na afronding van fase 1 levert de opdrachtnemer een onderbouwd advies op over handelingsperspectief en wenselijkheid van een vervolg, haalbaarheid van ketensamenwerking en (kansrijke) rol voor provinciale en/of andere overheden. Dit is inclusief mogelijke scenario’s voor vervolg en randvoorwaarden voor succes. Op basis hiervan besluit de provincie of en hoe een vervolg wordt ingezet.
Fase 2 – Optioneel vervolg: Verbinden, aanjagen en concretiseren
Fase 2 wordt alleen gestart na expliciet besluit van de provincie. In deze fase ligt de nadruk op het verder uitwerken van één of meer kansrijke samenwerkingsrichtingen, en de meest kansrijke verbindingen om te zetten in concrete (keten)samenwerking met gezamenlijke doelen.
Onder fase 2 kunnen onder meer het volgende vallen:
– het verder vormen van een ‘coalition of the willing’;
– het uitwerken van gezamenlijke doelen, rollen en werkwijze op verschillende niveaus (regionaal, nationaal, EU);
– het begeleiden of uitvoeren van een ketenverkenning gericht op het ‘hoe’ van samenwerking;
– het verkennen of voorbereiden van een pilot, deal, convenant of samenwerkingsagenda;
– het concretiseren van eerste vervolgstappen voor circulaire ketensamenwerking/circulaire strategieën: verminderen van gebruik primaire grondstoffen; vervangen primaire grondstoffen; verlengen levensduur producten/onderdelen; hoogwaardig verwerken van grondstoffen/producten, grondstofterugwinning;
– het rapporteren over voortgang en resultaten aan de provincie.
Resultaatverplichting
Profielschets Netwerkcoördinator Circulaire economie – datacenters
Kern van de rol
De netwerkcoördinator Circulaire economie – datacenters is een aanjager, verbinder en kwartiermaker die partijen samenbrengt rond de circulariteit van hardware, materialen en afvalstromen in datacenters. De focus ligt op multi-tenant datacenters, met betrokkenheid van single-tenant (met bijv. circulair center in eigen beheer) als kennispartner of voorbeeldpartij.
Omschrijving werkzaamheden;
1. Inventariseert typen datacenters11, eigenaarschap, hardwarecategorieën, producten, levensduur, product/materiaal- en afvalstromen, huidige verwerkingsroutes, bestaande diensten etc.. Brengt ook toekomstige ontwikkelingen in de sector in beeld.
2. Brengt relevante partijen12 in de keten in beeld. Analyseert hun rollen, belangen, behoeften, onderlinge afhankelijkheden, invloed en bereidheid tot samenwerking.
3. Bouwt actief relaties op door bijv. bilaterale gesprekken, bijeenkomsten en waar nodig werksessies. Doel is vertrouwen opbouwen, inzicht creëren, kennis delen, partijen verbinden en eerste beweging richting samenwerking creëren.
4. Onderzoekt kansen en belemmeringen voor circulaire verwerking van datacenterhardware en reststromen, waaronder hergebruik, levensduurverlenging, refurbishment, recycling en grondstofterugwinning.
5. Brengt bestaande lokale, regionale en bovenregionale initiatieven en lopende trajecten in beeld en zoekt actief naar aansluiting.
6. Verkent welke rollen provincie, gemeenten, Metropoolregio Amsterdam (MRA), omgevingsdiensten, marktpartijen en kennisinstellingen kunnen vervullen. Toetst tegelijk of er voldoende urgentie, bereidheid, publieke meerwaarde en perspectief is voor verdere ketensamenwerking.
7. Formuleert samen met betrokken partijen een conceptueel gezamenlijk doel voor een mogelijke vervolgfase. Werkt (zelfstandig) twee tot vier realistische vervolgscenario’s uit en adviseert over haalbaarheid, publieke rol, randvoorwaarden.
8. Rapporteert periodiek over voortgang, bevindingen, knelpunten, bereikte netwerkvorming en benodigde besluitvorming en levert een eindadvies aan de provincie.
9. Zorgt voor een duidelijke afbakening en voortgang van de opdracht, met focus op datacenterhardware en circulaire ketensamenwerking, en bewaakt dat de opdracht niet verbreedt tot een algemeen datacenterdossier.
10. Levert een bestuurlijk bruikbaar handelingsperspectief op voor de provincie Noord-Holland, MRA en partners.
11. Realiseert de kernresultaten van fase 1: stakeholderanalyse, inzicht in stromen en verwerkingsroutes, analyse van kansen en belemmeringen, eerste netwerkvorming, gedeelde opgave en gedeeld doel (concept) en voorstel voor kansrijke samenwerkingsrichtingen.
De beoogde resultaten van fase 1 zijn:
– een stakeholderanalyse van relevante spelers, inclusief rollen, belangen, invloed en bereidheid tot samenwerking;
– een eerste netwerk van betrokken partijen dat actief met elkaar in verbinding staat (‘kerncoalitie’);
– een afgebakend en gedeeld beeld van de opgave, inclusief scope van producten, hardware, materialen en reststromen;
– een overzicht van de belangrijkste product-, materiaal- en afvalstromen en de huidige verwerkingsroutes;
– een analyse van kansen, knelpunten, belemmeringen en randvoorwaarden voor circulaire ketensamenwerking;
– een overzicht van bestaande initiatieven en aanknopingspunten voor aansluiting;
– een gezamenlijk doel (in concept) voor een mogelijk vervolgtraject;
– twee tot vier realistische vervolgscenario’s, inclusief afweging van rol, ambitie, randvoorwaarden en kansrijkheid;
– een bestuurlijk bruikbaar advies en handelingsperspectief.
Een eventueel secretariaat ter ondersteuning van de werkzaamheden dient de opdrachtnemer zelf en binnen de financiële afspraken te organiseren. Dit wordt niet door de provincie Noord-Holland geleverd.
Gesprek
Het primaire doel van het gesprek met de voorgestelde kandidaat is het beoordelen van de persoonlijke competenties die belangrijk zijn voor het succesvol uitvoeren van de Opdracht.
Daarnaast kan, indien van toepassing, het gesprek dienen om een of meerdere aspecten uit de schriftelijke beoordeling te verifiëren bij de voorgestelde kandidaat.